Syndicaal Nieuws

Blijf op de hoogte met ons nieuwsoverzicht

Vrijwillige overuren: wat verandert er op 1 april 2026?

Vrijwillige overuren: wat verandert er op 1 april 2026?

Vanaf 1 april 2026 treedt er een nieuwe regeling in werking voor vrijwillige overuren. Dit systeem vervangt de huidige regelgeving van vrijwillige overuren en relance-uren in één uniform systeem.  

Het nieuwe systeem

Vrijwillige overuren zijn uren die een werknemer presteert boven op de normale voltijdse arbeidsduur (meestal 38 uur per week of 9 uur per dag), zonder dat hiervoor een specifieke procedure of inhaalrust vereist is.

  • Eén structureel contingent: Er wordt één algemeen systeem gecreëerd van 360 vrijwillige overuren per kalenderjaar, van toepassing op alle sectoren (behalve voor de horeca – zie lager). 
  • Fiscale gunstregeling (bruto = netto): Van deze 360 uren zijn er 240 uren volledig vrijgesteld van RSZ-bijdragen en personenbelasting. Voor deze uren is eveneens geen overloon verschuldigd.
  • Geen inhaalrust: Vrijwillige overuren geven geen recht op inhaalrust, ze worden uitsluitend uitbetaald.
  • Arbeidstijdgrenzen: De totale arbeidsduur mag niet meer dan 11 uur per dag en 50 uur per week bedragen. Ook de Europese grens (gemiddeld 48 uur per week, berekend over een periode van 4 maanden) moet gerespecteerd worden.
  • Horeca: In de horecasector wordt het contingent verhoogd naar 450 uren, waarvan 360 uren vallen onder het ‘bruto = netto’ statuut.

Overgangsmaatregelen voor het jaar 2026

Omdat de nieuwe wetgeving op 1 april 2026 start, wordt het jaar 2026 als een overgangsjaar beschouwd:

  • Verrekening van gepresteerde uren: Alle vrijwillige overuren en relance-uren die in het eerste kwartaal van 2026 zijn gepresteerd, worden in mindering gebracht op het nieuwe totaal van 360 uren voor 2026. Relance-uren die gepresteerd zijn tussen 1 januari en 31 maart 2026 worden specifiek afgetrokken van het quotum van 240 belastingvrije uren.
  • Geldigheid bestaande akkoorden: Een schriftelijk akkoord dat vóór 1 april 2026 werd gesloten, blijft na die datum rechtsgeldig als instemming om vrijwillige overuren te presteren onder de nieuwe regels. Pas na het verstrijken van de datum van het eerdere akkoord, moet er een nieuw akkoord worden afgesloten volgens de nieuwe administratieve voorwaarden.

Formaliteiten: het schriftelijk akkoord

  • Jaarlijkse geldigheid: Het schriftelijke akkoord tussen werkgever en werknemer is voortaan één jaar geldig (voorheen zes maanden).
  • Stilzwijgende verlenging: Behoudens opzegging wordt het akkoord telkens stilzwijgend verlengd voor een nieuwe periode van een jaar.
  • Opzeggingsmodaliteiten: Zowel de werkgever als de werknemer kan het akkoord op elk moment eenzijdig opzeggen, mits naleving van een opzeggingstermijn van één maand.

Beperkingen voor deeltijdse werknemers en tijdskrediet

De wet voert een strikter kader in voor wie niet voltijds werkt:

  • Voor deeltijdse werknemers spreken we pas van "vrijwillige overuren" wanneer zij de voltijdse dag- of weekgrenzen overschrijden. Extra uren tot aan de voltijdse grens vallen onder de gewone regels van bijkomende uren.
  • Nieuwe voorwaarden vanaf 1 april 2026: Deeltijdse werknemers mogen deze voltijdse grenzen enkel overschrijden indien:
    1. Er sprake is van een tijdelijke vermeerdering van werk.
    2. De werknemer reeds minstens drie jaar deeltijds werkt.
  • Overgangsregeling voor bestaande deeltijdse werknemers: Deze nieuwe voorwaarden (3 jaar anciënniteit en tijdelijke toename) gelden niet voor deeltijdse werknemers die op 1 april 2026 al verbonden waren door een lopend akkoord inzake vrijwillige overuren met hun huidige werkgever.
  • Tijdskrediet en thematisch verlof: werknemers die hun loopbaan onderbreken (bijv. via 1/5e tijdskrediet of ouderschapsverlof) kunnen geen vrijwillige overuren kunnen presteren. Dit is niet compatibel met de aard van de loopbaanvermindering.

Opgelet: Deze tekst is gebaseerd op een wetsontwerp en geldt onder voorbehoud van definitieve aanname en publicatie in het Belgisch Staatsblad.